Breda heeft van oudsher de naam ‘het Haagje van het Zuiden’ door de gevarieerde bossen rondom de stad zoals het Mastbos, het Liesbos, het Ulvenhoutsebos, de Vloeiweide en de krabbenbossen.

Het Van Sonsbeeckpark ligt op een plek waar in de 15e eeuw de rivier de Aa of Weerijs uitmondde in de Mark, ‘Boeimeer’ staat dan waarschijnlijk ook voor boudemeer, is slecht ontwaterd, is overstromingsgebied. Het is daarom ook altijd een moerasachtig gebied geweest, verschillende beken kronkelde door dit gebied.

Tot 1929 is het gebied eigendom van Oudemannenhuis of Gasthuis, deze beschikten over een boerderij waarvan de koeien op de gasthuisvelden liepen. Het landgoed van het Gasthuis liep waarschijnlijk tot aan de Gampel of de Zaanmark, een vertakking van de Weerijs die in rivier de Mark uitmondde. Deze beek liep door het huidige Van Sonsbeeckpark.  Het Oude-Mannenhuis zat echter in een monumentaal pand aan de Boschstraat, waar nu het Centrum voor beeldende kunst, ‘De Beyerd’ is gevestigd.

Op 30 mei 1936 nam burgemeester Van Sonsbeeck afscheid van Breda om als gouverneur naar Limburg te gaan. Als laatste bestuursdaad opende hij het park dat op dezelfde dag door de gemeenteraad naar hem was genoemd. Het stedenbouwkundig plan van het park en zijn omgeving is van de directeur van Openbare Werken, P.A.H. Hornix. Het park zelf werd ontworpen in 1933 door de directeur van Beplantingen, C.M. van Koolwijk. Het ontwerp is gebaseerd op de Engelse landschapsstijl, hierbij spelen organische vormen, zichtlijnen en diverse waterpartijen een belangrijke rol. Het park werd aangelegd in de loop van 1934 en 1935, de opening vond plaats in 1936.

Drijvende factor achter de aanleg was burgemeester Van Sonsbeeck zelf. Hij heeft er voor gezorgd dat Breda tussen de twee wereldoorlogen de naam kreeg van ‘parkenstad’. Na de oorlog werd in het park een borstbeeld van hem onthuld, dit beeld is terug te vinden nabij het grote grasveld.

Het park is een belangrijk onderdeel van het ontwerp dat gepaard gaat met een sportterrein met daarin een zwembad, voetbalterrein, sintelbaan en tennisbaan. Dit sportterrein was tussen 1940 en 1996 de thuishaven van voetbalclub NAC Breda, het NAC-stadion aan de Beatrixstraat is voor menig Bredanaar nog steeds een bekend fenomeen.

In de loop der jaren zijn er verschillende onderhoudsploegen geweest die het park in goede staat hebben gehouden, zowel gemeentelijk onderhoud als onderhoud verricht door de bewoners rondom het park. In 2008 breekt er een nieuwe crisis aan waarvan de gevolgen te zien zijn in het park, er wordt bezuinigd op groen waardoor het onderhoud achteruit gaat. In 2012 steken bewoners hier een stokje voor. Nadat Ignaz Hameetman de bewoners rondom het park vraagt mee te werken aan het onderhoud begint het park langzaam weer tot bloei te komen, steeds meer vrijwilligers sluiten zich aan dat zich loont in verbluffende resultaten! Waar de gemeente wegens bezuinigingen bossasches heeft verwijderd heeft IamSonsbeeck deze plekken opgefleurd met bloembollen. In samenwerking met Showcorps Concento zal het park de komende jaren er goed bij blijven liggen, dit wordt ook mede mogelijk gemaakt door de wijkdeals waarmee gemeente Breda sinds de crisis in 2008 is begonnen. Begin 2013 zijn de eerste parkdeals gesloten, IamSonsbeeck en Showcorps Concento onderhouden beide een deel van het park.